Multitude

12 april

Verschilmaker Femke Pluymert aan het woord

Als we in een betere wereld willen leven hebben we verschilmakers nodig. Verschilmakers zijn mensen en organisaties die zien dat iets beter, schoner of eerlijker kan en zich daar sterk voor maken. Aan het woord: Femke Pluymert, adjunct directeur bij Diversion, bureau voor maatschappelijke innovatie.

Wat is je achtergrond? 
Ik heb bestuur en organisatiewetenschappen gestudeerd, maar miste in deze studie een breder perspectief op hoe de wereld werkt. Ik ben daarom daarna sociologie gaan studeren en stage gaan lopen bij (toen nog wethouder) Lodewijk Asscher, die ging over onderwijs, jeugd en financiën in Amsterdam. Dat was een hele leerzame tijd. Daar zag ik hoe je  het onderwijs kunt helpen verbeteren. Na mijn stage wist ik: ik wil zelf richting geven aan veranderingen die nodig zijn om maatschappelijke vraagstukken op de agenda te krijgen. Ik wil aanjagen.
 
En toen?
Toen kwam ik Diversion op het spoor. 7 Jaar geleden mocht ik daar als stagiaire helpen een boek te maken over jong leiderschap. Diversion is een bureau voor maatschappelijke innovatie dat oplossingen ontwikkelt voor complexe maatschappelijke vraagstukken. We staan met onze poten in de modder, bijvoorbeeld doordat we met innovatieve onderwijsprogramma’s in honderden schoolklassen per jaar staan. Daarnaast vervullen we vanuit die wortels een adviesrol naar bestuur & politiek. We zijn agendeerders. Eén docent kan zich zorgen maken over een ontwikkeling binnen zijn of haar klas, maar weet niet hoe representatief zo’n ontwikkeling is en wat hij of zij daar vervolgens mee moet. Wij kunnen zien waar de urgentie zit. Met onze programma’s gaan we kwetsbaarheid tegen en zorgen we dat iedereen kan deelnemen aan de maatschappij.

Waar zit jullie maatschappelijke meerwaarde precies?
Waar anderen denken: ‘hier wil ik mijn vingers niet aan branden’ gaan wij de confrontatie aan. In bijna al onze projecten zit wel een heet hangijzer. We bedenken praktische en creatieve oplossingen om die hete hangijzers juist wél te bespreken.

Daarnaast zijn we aanpakkers. We hebben een breed netwerk van scholen, leerlingen, bestuurders en bedrijven. Doordat we onze tentakels binnen veel verschillende groepen hebben weten we: wat kan er morgen anders, en met wie realiseren we dat? Als we een programma ontwikkelen doen we dat vrijwel altijd samen met de ‘eigenaars’ van dat probleem. Schuldenproblematiek pakken we bijvoorbeeld aan met het Nibud, banken, gemeenten, scholen en de Rijksoverheid om tot een effectieve aanpak te komen. Zo borgen we enerzijds de expertise en kunnen wij anderzijds de aanjagersrol aannemen.
 
We werken veel samen aan de branding van jullie programma’s. Hoe draagt ontwerp bij aan jullie missie?
Binnen onze programma’s hebben we te maken met gelaagde doelgroepen. Docenten, jongeren, ambtenaren, ondernemers, ze doen allemaal mee. Je wilt met een mbo’er van 16 even effectief kunnen communiceren als met een ambtenaar. Dat gaat niet met A4-tjes en powerpointpresentaties, wel met effectieve websites en lesmaterialen die je graag wilt gebruiken. Zo verbinden we doelgroepen aan onze programma’s. Ontwerp draagt ook bij aan het creëren van draagvlak omtrent een heet hangijzer. Scholen voelen zich niet altijd onderdeel van een groter geheel, maar door ze zichtbaar onderdeel te maken van een netwerk, bijvoorbeeld dat van MBO Topacademie, verdwijnt het gevoel dat ze er alleen voor staan. Dat maakt onze methode sneller schaalbaar en toepasbaar.
 
We zijn goed in uitleggen waar problemen vandaan komen en hoe we ze op moeten lossen, maar je activeert mensen snel en intuïtief door ze visueel te prikkelen. We willen snel kunnen reageren op een kwestie die nú om een reactie vraagt; bijvoorbeeld de Love is Love campagne die we met jullie voerden als reactie op het vandalisme en de discriminatie op de Suit Supply campagne. Het werkt goed om daar meteen op te reageren met een visueel tegengeluid, zeker omdat beeldcultuur in de publieke ruimte zo’n duidelijke invloed heeft op opinievorming. Ontwerp zorgt ervoor dat onze programma’s zichtbaar en herkenbaar zijn

Hoe wordt een trend een programma bij Diversion?
We werken óf in opdracht van, óf we zien urgentie en ontwikkelen daar op eigen initiatief een programma voor. We onderzoeken wat een thema nodig heeft om te kunnen versnellen in de praktijk. Soms is dat een compleet nieuw programma, soms is dat een aanscherping op bestaand beleid. We betrekken daar altijd de stakeholders van het betreffende thema bij, publiek én privaat, en de doelgroep zelf. In die verhouding komt onze rol als aanjager het beste tot zijn recht.
 
Waarom is het belangrijk om die hete hangijzers op de agenda te krijgen?

We zijn er heel lang vanuit gegaan dat uitleggen hoe een democratie werkt zorgt voor democratische burgers. Dat kennisoverdracht er wel voor zorgt dat mensen zich een democratische ideologie eigen maken. Wij zagen jaren geleden al dat tijdens de lessen over de holocaust jongeren zeiden: ‘ik schrijf het wel op in mijn proefwerk, maar ik geloof het niet.’ Dat waren vaak islamitische leerlingen die het Israël-Palestina conflict niet los konden zien van de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog. Dan draai je om de hete brei heen; zo’n leerling haalt z’n proefwerk wel, maar gelooft niet wat hij of zij opschrijft. Er is veel meer nodig om maatschappelijke waarden te verinnerlijken.

We zijn goed in uitleggen waar problemen vandaan komen en hoe we ze op moeten lossen, maar je activeert mensen snel en intuïtief door ze visueel te prikkelen.

Femke Pluymert Adjunct directeur bij Diversion

Hoe doen jullie dat?
In onze programma’s leggen we altijd dwarsverbanden. Mensen die elkaar normaal gesproken niet tegenkomen en elkaars meningen en ideeën niet kennen, kunnen elkaar verrassen en spiegelen. We bieden bijvoorbeeld 200 studenten per jaar een maatschappelijke bijbaan aan als peer educator. Die studenten zijn in hun eigen omgeving voorvechters en durven hun nek uit te steken. Wij schuiven ze naar voren om discussies aan te wakkeren, in klaslokalen maar ook in de politiek. We komen in de praktijk zoveel voorbeelden tegen van jonge kinderen die zeggen: ‘homo’s zijn vies’, ‘joden worden met duivelshoorntjes geboren’ of ‘moslims zijn terroristen’. Als je het schuwt om dat te bespreken of gewoon zegt ‘dat mag je niet denken’, verander je niets wezenlijks.
 
Wat gebeurt er als je de lastige onderwerpen laat liggen?
Als jij als kind gelooft dat homo’s vies zijn heb je dat waarschijnlijk thuis geleerd. Als je leraar dat denkbeeld op school afkeurt maar niet écht behandelt, groeit zo’n kind op in een Nederland waarin alles bij wet keurig geregeld is (iedereen is gelijk, discriminatie is strafbaar, red.) maar waar het kind zich geen onderdeel van voelt. De democratische verworvenheden die we denken bereikt te hebben zien we in de praktijk totaal scheef groeien.
 
Is dat iets van de laatste tijd?
Nee, toen Diversion 15 jaar geleden werd opgericht was dit ook al aan de hand. We hebben er teveel op vertrouwd ‘dat we er wel zijn’. We komen in honderden schoolklassen waarin we zien dat dat niet waar is. We signaleerden bijvoorbeeld op de marechaussee-opleiding dat veel studenten vonden dat je vluchtelingen gewoon terug moest sturen. Dat zijn wel de mensen die straks letterlijk bij de grenzen staan en beleid moeten uitvoeren. Als je nieuwe generaties geen intrinsiek onderdeel maakt van een democratie kom je in de problemen. En iedereen met een publieke functie heeft daar een verantwoordelijkheid in: ook als wiskundedocent houd je gesprekken over de maatschappij niet buiten het klaslokaal.

Onze nieuwsbrief

Geen spam.
Wel up to date
over ons werk.

Gelukt!

Bedankt voor je inschrijving.

Meer talks

Evenement

Multitalks #6 over Code

Thursday 27 September at 18.00

Evenement

Multitalks #6 about Code

Thursday 27 September at 18.00